Wat ik vaak zie bij mannen die moe zijn van gedoe in relaties: je probeert het eerst zelf op te lossen. Je denkt erover na. Relativeert. Houdt jezelf bezig met werk, sport of andere dingen. En hoopt dat het vanzelf weer overgaat.
En dan zijn er de dingen die je niet zegt. Omdat je geen zin hebt in gedoe. Omdat je geen ruzie wilt. Omdat je niet goed weet hoe je onder woorden moet brengen wat er in je omgaat. Dus houd je het voor jezelf. Trek je je terug. Of zeg je uiteindelijk maar niets meer.
Maar wat je niet uitspreekt, verdwijnt niet. De irritatie blijft. De afstand blijft. De frustratie stapelt zich op. Tot gesprekken steeds vaker vastlopen. Of het gevoel ontstaat dat jullie langs elkaar heen leven.
Veel mannen denken dat ze gewoon beter moeten communiceren. Maar meestal speelt er iets anders. Je hebt nooit geleerd hoe je kunt zeggen wat er echt in je omgaat. Wat je voelt. Wat je nodig hebt. Of waar je mee worstelt.
Wat veel mannen niet zien, is dat dit niet begint bij deze relatie. Vaak zijn deze patronen veel ouder. Ooit heb je geleerd dat je sterk moest zijn. Dat je problemen zelf moest oplossen. Dat gevoelens niet te veel ruimte mochten krijgen. Of dat het makkelijker was om je terug te trekken dan te zeggen wat je dacht, voelde of nodig had.
Daarom verandert er vaak weinig, ook al heb je er al veel over nagedacht. Je doorbreekt deze patronen door iets nieuws te ervaren en te oefenen. Zodat je niet langer hoeft te kiezen tussen jezelf en de relatie, maar een relatie kunt opbouwen waarin je jezelf kunt zijn én verbonden blijft.